plop-image17 plop-image13 plop-image20 plop-image18 plop-image8 plop-image12 plop-image19 plop-image16

Op zoek naar de noodzakelijke steun voor het monument klopte Bureau Molukse Zaken (BMZ), de oorspronkelijke initiatiefnemer van het monument,  in 2008 aan de deur van het Moluks Platform. Dit Asser samenwerkingsverband van Molukse kerken en belangen-organisaties verzocht daarop BMZ inzicht te geven in het project en de financiën. In 2005 nadat BMZ voorschotbedrag van € 12.000,- had ontvangen bleef het akelig stil en was in geen  velden of wegen een monument te bekennen. Op de brief van het Moluks Platform kwam geen antwoord, de geplande bijeenkomst ging niet door en de samenwerking bleef uit.

Eindelijk na zeven jaar zal op 23 april het monument op het terrein worden onthuld van het
Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Een ‘briljant’ strategisch spel van directeur Dirk Mulder en het bestuur ging hieraan vooraf. In de woorden van Dirk Mulder heeft het Gebaar (de subsidieverstrekker) het Herinneringscentrum verzocht om het monument te realiseren. Een overeenkomst werd eind 2009 getekend vergezeld met een bedrag van € 50.000,-  BMZ speelt hierin geen enkele rol van betekenis meer.

Het Gebaar.
Het Gebaar heeft de werkzaamheden eind 2008 beëindigd en de Stichting Afwikkeling Het Gebaar is in januari 2009 met haar controlerende werkzaamheden gestart die eind september van datzelfde jaar werden afgerond. Het is dan ook opmerkelijk dat er toch nog in december 2009 tussen Het gebaar en Het Herinneringscentrum een nieuwe overeenkomst werd gesloten zonder betrokkenheid van de Molukse gemeenschap zelf. Dit roept vragen op en biedt ruimte voor speculaties want welk of wiens belang is hiermee gediend? Het Moluks Platform in Assen en de Molukse wijkraad in Bovensmilde hadden in 2007 en 2008 verschillende keren Het Gebaar verzocht voor een overleg maar op deze brieven kwam geen reactie. Een keer was het gelukt om via de telefoon een afspraak te maken maar Het Gebaar kwam hier niet meer op terug.

Moluks draagvlak voor het monument.
Volgens Melie Lumalessil-Metiary in het artikel van 8 maart in Dagblad van het Noorden reageert een minderheid in de Molukse gemeenschap in haar ogen negatief vanuit afgunst en jaloezie op ‘hun’ initiatief. Melie Lumalessil-Metiary stelt de zaken behoorlijk simpel voor en zet de lezer op het verkeerde been. Nu duidelijk is dat het project volledig bekostigd wordt door het Herinneringscentrum is de gegronde vrees van de Molukse inwoners in Assen en Boven-Smilde tegen BMZ alleen maar bevestigd. Waar is het geld gebleven? Op de website van Het Gebaar stond een voorschotbedrag van € 18.500 Bovendien is in de jaarrekening 2004 een bedrag van € 6000,- door BMZ opgevoerd als zijnde voorbereidingskosten t.b.v. Moluks monument. Reacties vanuit de inwoners konden niet uitblijven. Tijdens een recente bijeenkomst in hotel Van der Valk maakten jongeren uit Assen BMZ duidelijk geen mede-werking te willen verlenen aan hun plannen en zijn stante pede uit de bijeenkomst opgestapt. Melie Lumalessil-Metiary kreeg nul op haar rekest toen zij het fluitorkest benaderde voor een optreden bij de onthulling van het monument op 23 april a.s.

Vorig jaar werd in Utrecht een landelijke bijeenkomst georganiseerd van Molukse personen die actief zijn dan wel ervaring hebben in de Nederlandse politiek. Op de lijst ontbraken opvallend genoeg de namen van de Molukse PVDA-coryfeeën Agustinus Tuparia en Melie Lumalessil-Metiary. Overigens bracht een tip uit het Moluks Utrechtse circuit in 2007 de kwestie van het Moluks monument in Drenthe aan het rollen.


Een oeroude ‘gezonde’ Hollandse(VOC) koopmansgeest bracht uitkomst voor BMZ. De eis van Het Herinneringscentrum van een breed Moluks draagvlak voor het monument bleek voor hun namelijk geen handicap meer en wordt eenvoudig ter zijde geschoven. Het monument wordt gerealiseerd door Het Herinneringscentrum, Het Gebaar sluit een lastig dossier af en BMZ kan verder met hun spiegeltjes en kraaltjes voor mooi weer spelen. In een notendopje lijkt de oude geschiedenis van het Molukse eilandenrijk zich in een Drentse variant te herhalen.

Opvallend genoeg koos BMZ om de onthulling op drieëntwintig april te laten plaatsvinden i.p.v.eenentwintig maart de datum waarop zestig jaar geleden de eerste Molukkers in Nederland voet aan wal zetten. Drieëntwintig april schuurt mooi tegen vijfentwintig april aan, de herdenkingsdag van de uitroeping van de Republik Maluku Selatan. Tuparia en cs die geen vaste voet kregen in de Molukse samenleving werken sinds jaar en dag samen met de Indo-nesische ambassade. Zou een vertegenwoordiger van de ambassade act de presence geven? Een project met diverse wendingen waar de verassing eigenlijk in de staart zit.

Noes Solisa.